zaterdag 21 oktober 2017

19 oktober 2017



Emmanuel Carrère Op drift

Een architect uit Parijs scheert op een dag zijn snor af om zijn vrouw Agnès te verrassen. Doch, ze reageert niet eens, meer zelfs, ze beweert dat hij nooit een snor heeft gehad. Dit simpele gegeven is het lumineuze uitgangspunt van deze roman, die de dunne lijn tussen werkelijkheid en fantasie bewandelt, en vaak helemaal oversteekt.
En er zijn meer dingen die de architect in verwarring brengen. Op het antwoordapparaat hoort hij berichten van zijn vader, maar volgens Agnès is die vorig jaar overleden. Vrienden die ze bezoeken, bestaan volgens haar niet eens. Hij zoekt foto’s van een reis naar Java, maar daar zijn ze volgens Agnès nooit geweest. Hij zoekt zijn ouderlijk huis, maar vindt het niet.
Hoe meer hij nadenkt over die vreemde zaken, hoe meer hij gelooft in een complot: zijn vrouw bedriegt hem met zijn beste vriend en samen willen ze hem gek en van kant maken. Hij besluit te vluchten en belandt in Hong Kong, waar hij op een veerpont eindelijk weer een beetje tot rust komt. Daar wil hij zijn snor weer laten groeien om zijn gewone leven terug te vinden.

Zo begeesterend was dit boek, zo enthousiast waren de lezers van Leesgegroet. Onweerstaanbaar werden we meegezogen in dit verhaal, dat als een spiraal rond de waarheid wervelt. Je komt in steeds onstuimiger vaarwater terecht, en net als de hoofdpersoon weet je op de duur niet meer wat waar is en wat niet. Zijn hersenspinsels gaan met hem (en met ons) op de loop, zijn groeiende twijfel en wanhoop zetten de wereld op z’n kop. En zo zet de auteur ons voortdurend op het verkeerde been. Emmanuel Carrère manipuleert de werkelijkheid als geen ander. Wat is waar? Wie wordt er gek? De architect? Zijn vrouw Agnès? Of de lezer?
Kortom, dit boek was een steengoede keus, een pareltje om van te smullen, een hoogst originele en tegelijk respectvolle benadering van hoe een mens de trappers kan verliezen. Al is het onderwerp ernstig, er wordt soms grappig over gedaan, maar nooit meewarig. Een eerlijke kijk op een heftig onderwerp, vooral omdat het bekeken wordt door de bril van wie het aan den lijve ondervindt.
Een mustread, met andere woorden.

vrijdag 20 oktober 2017

Donderdag 23 november 2017 - 20 u - in de bib - Leesgegroet - Erik Vlaminck, De zwarte brug

Klik onderaan deze Agenda op datum of opmerkingen en meld of je wel of niet komt.

Donderdag 11 januari 2018 - 20 u - in de bib - Leesgegroet - Leila Slimani, Een zachte hand


donderdag 19 oktober 2017

Mooie woorden (98)



-          Oe loit est?
-          Koirtse van meen bille, meen arloeze lig stille.
-          Oei, wa schilter den?
-          Ge moet er gien acht ip sloin, moir ke slecht geslopn vandenacht.
-          Oe kommet?
-          Kwiere wakkre en twa pekkedonkre en kvonne meen arloeze nie.
-          Wa ette tons gedoin?
-          Ip de kirktoorn gekeekn. En twa koirtse van den drijen, we goin vrijen.
-          En ette tons…?
-          Vaneigens.
-          Enne…, oe wast?
-          Koirtse van den ienn, me goin deran begienn.

anders gezegd:

-          Hoe laat is het?
-          Kwart van mijn bil, mijn uurwerk ligt stil.
-          Oei, wat scheelt er?
-          Sla er maar geen acht op. 'k Heb vannacht slecht geslapen.
-          Hoe komt dat?
-          'k Werd wakker en 't was pikdonker en ik vond mijn uurwerk niet.
-          Wat heb je toen gedaan?
-          Op de kerktoren gekeken. En 't was kwart voor drie, we gaan vrijen.
-          En heb je dan...?
-          Tuurlijk.
-          En... hoe was 't?
-          Kwart voor één, we gaan eraan beginnen.

In de reeks ‘stuurloze conversaties’, deze week:

-          Woir goite noirtoe den?
-          Noir Woiregem.
-          Woire? Noir Woiregem? Mee uie veelo?
-          Ba jo gij. Zuu verre es da nie zan.
-          Ah nieje? Woir weunde gij meschien?
-          Ikke? Ien Woirmoirde.
-          Tons moete alover de Koirmont.
-          Ba niek gij. Over Tiegembirg ja.
-          Ik weune ien Grijzeloke en kmoe noir Kizzer.
-          Da es nog veel vuuder.

dinsdag 17 oktober 2017

Poëtegem (115)


Nu ook als muurgedicht in gebarentaal te Leiden

 

Polder (Wim Emmerik)


Hier, gras en zand 
Het weidse land 
Waar je ver kijkt 
Maar niet ver bent 
Mijn plek 
Zover je ziet 
Wilgen, riet 
Een vogel zweeft 
Waar je leeft 
Het wijze land

Daar waar je ver bent 
En rondom kijkt 
Is zoiets niet 
Als wilgen, riet 
Een wei, een stek 
En rust, mijn plek 
Die ik ken 
Waarin ik ben 
Het hart springt op 
Het wijde land

Zien: daar kom je ver 
Zijn: hier kijk je ver 
Als ik ga 
En verga 
Dan niet daar maar hier 
In het land dat in mij is 
Het land waarin ik was 
In de polder, het weidse land 
Van riet, vogel, wilg 
Zand en gras

gezien door Veer

zondag 15 oktober 2017

Mooie berichten (67)



TUSSEN-N


Als Ann De Craemer het voor het zeggen had, gooide ze de tussen-n in de prullemand. Inderdaad: prullemand - maar ook pannekoek, ziekezorg, blindestok, apestreken, flessegroen, giraffenek, huizehoog, klasseraad, koninginnehapje, mijlever. Lekker logisch, toch? Akkoord, huizehoog en mijlever ogen wat vreemder dan prullemand, maar de regel zou op zijn minst consequent zijn. Zo'n vereenvoudiging zou kinderen ook de ellende besparen om lange lijsten met uitzonderingen uit het hoofd te moeten leren.