woensdag 14 augustus 2013

Links (2)

't Is zover. Vanaf nu ben ik enig lid van mijn eigen zelfleesclub. Omdat spreken over literatuur me matig afgaat, zal ik proberen er een tekeningetje bij te maken. Op een ander, in een leesgroep, roer ik nauwelijks mijn mond, dus grijp ik thuis naar het schetsboek.
Maandelijks wil ik verslag doen over een boek dat ik
heb gelezen.

Deze oefening valt te volgen op:  
hugodesmaele.blogspot.com
Je kan je daar inschrijven via het vak 'Follow bij Email'.

maandag 12 augustus 2013

Mooie woorden (25)



Birlijtsekies speeln me kotskeduik in tstruut. Ge kund ui wigsteekn achter een peut eu of nen okker ip ui uufd zettn, moir tons moette nie verschietn danzui sebiet goin vinn.

Kan worden vertaald als: straks spelen we verstoppertje in het stro. Je kunt je verstoppen achter een hoopje hooi of een emmer op je hoofd zetten, maar dan moet je niet schrikken dat ze je meteen zullen vinden.

Een mooie voor deze keer:
Oe schiet dad ier mee tie schriemmuile? Jes een keppekientsje, moir tog een beetse twis in de zak.

dinsdag 16 juli 2013

5 juni 2013



Caesarion van Tommy Wieringa gaat over Ludwig Unger, zoon van twee beroemde ouders, een pornoactrice en een kunstenaar. Ludwig verdient de kost als barpianist en vertelt een klant over zijn leven, waaruit zijn vader al vroeg verdween. Hij woont samen met zijn moeder letterlijk op de rand van Engeland, en wanneer die rand met huis en al in zee dondert, herneemt zijn moeder haar pornocarrière in Amerika. Ludwig reist haar achterna. Als ze ziek wordt, volgt hij haar opnieuw naar Europa, waar ze uiteindelijk sterft. Dan is het tijd om zijn vader op te zoeken in Panama.
Dit is een boek vol avontuurlijke reizen dat een heleboel aspecten van de moeder-zoonrelatie en de zoektocht naar de vader uitgebreid onder de loep neemt. Wat Wieringa dan ook met verve doet. Een pornomoeder en een afwezige kunstvader hebben, het is niet iedereen gegeven, en het zal dan ook niet verwonderen dat Unger wel eens worstelt met zijn afkomst en zijn verwekkers.
Het zijn die bewogen lotgevallen en relatiepijnen die Wieringa goed weet te vatten, en die ons, leesclubbers, wisten te bekoren. We hebben dan ook met volle, sommigen echter ook met halve, teugen genoten van Caesarion.

dinsdag 9 juli 2013

Favorieten (5)



De Opwindvogelkronieken van Haruki Murakami lezen is een volstrekt begeesterende ervaring. Je treedt een magische wereld binnen, waar de meest onmogelijke dingen toch waar kunnen zijn, en omgekeerd. Het verhaal is vrij ingewikkeld en amper samen te vatten (maar dat doet niets af aan het leesplezier). Toch een kleine poging:
De 30-jarige Toru Okada is werkloos geworden en schikt zich min of meer in de leegte van het leven. Zijn kat is zoek en nadien ook zijn vrouw Kumiko, waarbij haar broer Noboru Wataya, een dubieuze politicus, een mysterieuze rol speelt. Later krijgt Toru een brief van Kumiko, die het einde van hun relatie bevestigt.
Ondertussen krijgt Okada rare, erotische telefoontjes en ontmoet hij enkele zonderlinge figuren. Om te beginnen de zusjes Kreta en Malta Kano, beiden genoemd naar de eilanden. May Kasahara is een jong buurmeisje dat werkt in een pruikenfabriek. Haar ontmoet hij in een steegje, waar de opwindvogel uit de titel elke dag een geluid voortbrengt dat lijkt op het opwinden van de veren van de wereld. Bij een huis aan het einde van dat steegje, is een diepe put. Daar gaat Okada in zitten om na te denken over de wereld en om die proberen te begrijpen. “In een werkelijk diepe duisternis worden allerlei vreemde dingen mogelijk.” Ook ontmoet hij moeder Nootmuskaat en haar zoon Kaneel, die hem helpen bij het opsporen van zijn vrouw.
Naast wat Okada allemaal aan den lijve meemaakt, wordt de roman doorspekt met verhalen over de oorlog in Mantsjoerije in de jaren 40, waarbij een door Japan bezet gebied op de grens van China en Rusland door de Russen wordt veroverd. Luitenant Mamiya valt er in Russische handen en dat levert een bijzonder ijzingwekkend verhaal op.
Aanvankelijk ondergaat Toru Okada de gebeurtenissen, alles overkomt hem, zonder dat hij goed weet wat ermee aan te vangen. Daarmee lijkt hij op veel stuurloze mensen in een bevreemdende wereld. Een typisch Murakami-thema is dat, net als de zoektocht naar wat verloren is. “Ik wil de chaos van de wereld opdrinken en een allesomvattende roman schrijven waarin ik een manier aan de hand doe om uit die chaos wijzer te worden”, zegt hij er zelf over.
Dit is een briljante roman waarin Murakami een geheel eigen, bizarre wereld ontwerpt. Het is een kluwen van gebeurtenissen, vaak bovennatuurlijke, en de een al vreemder dan de andere. Toch weet de auteur die zo goed in te pakken dat het allemaal echt en aannemelijk lijkt. Misschien is die wereld wel minder bevreemdend dan de werkelijke wereld.
Een boek van Haruki Murakami lezen – hij heeft er inmiddels een vijftiental geschreven – levert een bevreemdende, zelfs verbluffende leeservaring op, een totale onderdompeling in een magische en bizarre wereld, waarin je alle kanten opgaat. Vanaf de eerste zinnen word je erin opgezogen en dat gaat zo door tot de laatste bladzijde. Als je niet oplet – maar ook als je wel oplet – raak je verslaafd, en het leuke is dat dat niet eens erg is, integendeel.

woensdag 3 juli 2013

Mooie woorden (24)



Twa een oue joë dochtre en zoi ne vuschuut an mee karootsies en een tirette vanachtre, moir ze zochter no goe uit, want ze stoi mee een voddeke, zeien de mensen.

Fabienne heeft dit schuune vertold: Het was een oude jonge dochter (vrijgezellin) en ze had een voorschoot (schort) aan met ruitjes en een rits achteraan, maar ze zag er nog goed uit, want ze staat met alles (een vodje) goed, zeiden de mensen.

En wat te doen met dit exemplaar:

Birlijtsekies speeln me kotskeduik in tstruut. Ge kund ui wigsteekn achter een peut eu of nen okker ip ui uufd zettn, moir tons moette nie verschietn danzui sebiet goin vinn.

maandag 1 juli 2013

Poëtegem (18)



Ouderiteit (Gerda Dendooven – uit Ik heb het tegen jou)

Moeder en dochter.
Huiskamersfeer. Dochter staat te wachten op de moeder. Moeder komt binnen. Ze is helemaal opgetut.

M : Wat denk je ?
D : Ga jij dat aandoen ?
M : Wat is daar mis mee ?
D : Maar ma! Voor het oudercontact!
M : En dan… ik moet toch niet ‘chiquechique’ zijn.
D : Je lijkt wel een volière.
M : Ik zie dat graag.
D : Nee, echt waar. Ik wil niet dat ze jou zo zien. Ik schaam mij dood. Ik ben wel je dochter, ja…
M : Bon, dan zal ik die groene aandoen.
D : En die kraag mag niet omhoog. Dat is snob. En trouwens, die rok past er niet meer bij.
M : A ja ? Dan zal ik mijn roze aandoen.
D : Jekkes nee. Niet dié rok! Die bruine!
M : Bruin of roze, wat maakt het uit…
D : Voor jou misschien niets, maar voor mij alles. We gaan wel naar mijn school en mijn klas en iedereen zal er zijn en ik zal mij weer keihard generen.
M : Tja, ik vind hem anders wel jong en koket.
D : Awel, ik niet. Te veel ‘foor’gehalte. Ik hoor ze het al zeggen. Is dat uw ma daar… die papagaai daar …
M : Oké, oké, ‘t is al goed. Die bruine dan. Nog iets … ?
D : Je gaat toch nog je benen epileren, ma ?

woensdag 26 juni 2013

Leestips (32)

De Franse schrijver Sylvain Tesson trekt zich in 2010 een half jaar terug in een blokhut aan de rand van het Bajkalmeer in Siberië. Zes maanden in de Siberische wouden is het verslag dat hij dagelijks bijhoudt van zijn tot de verbeelding sprekende, maar eenzame verblijf op die extreme plek.
Hij heeft zich goed voorbereid met voldoende proviand en boeken, hij krijgt geregeld bezoek van vrienden en buren (die wel op een paar honderd kilometer afstand wonen), hij trotseert stormen, hij doet uitstappen met zijn honden, hij gaat vissen en kapt brandhout, en het gaat sowieso om een tijdelijk verblijf. Dit maakt dat het allemaal wat minder heroïsch is dan je zou kunnen denken. Niettemin is het overleven in die barre kou midden in een niet erg gastvrije natuur geen klein bier. Het lang alleen zijn werpt een mens terug op zichzelf en zijn innerlijk leven, waarvan Tesson zich afvraagt of hij dat wel heeft.
Filosofische bespiegelingen over het leven en de natuur, persoonlijke ontboezemingen en citaten uit de boeken die hij leest, worden overgoten met liters wodka en sigarenrook. “Een sigaar en wodka, ideale metgezellen voor als je moet schuilen. Het is het enige wat arme sloebers en eenlingen nog rest.”
Soms krijg je het heerlijke gevoel dat je mee in de warme blokhut zit te luisteren naar een wijze mens met interessante ideeën en vragen. “Zou echte liefde niet inhouden dat we juist datgene liefhebben wat volstrekt anders is dan wij? Niet een zoogdier of een vogel, die nog te veel verwant met ons mensen zijn, maar een insect, een pantoffeldiertje.”
Zes maanden in de Siberische wouden is een aantrekkelijk boek met wijsheden en overpeinzingen allerhande, dat vlot wegleest in winter én zomer. Interessant is dat er ook een filmpje is gemaakt van Tesson in zijn blokhut. Leuk om naar te kijken, maar doe het pas na lezing van het boek.

dinsdag 18 juni 2013

Mooie zinnen (7)

"Op een heldere voorjaarsavond stelde mijn vrouw Anne mij voor om overspel met haar te plegen."

Dit is de openingszin van "Celeste" van Adri van Beelen (http://www.mijnleescadeau.nl/boeken/c/celeste-adri-van-beelen.php). Een openingszin die mij(n nieuwsgierigheid) alvast overtuigde om het boek te lezen.

Bijdrage door Geert

woensdag 12 juni 2013

donderdag 6 juni 2013

Mooie woorden (23)

Iest speeldegen ze mee te biekels = ? en tons mee te moirbels = ?. Tseetie oi ne gloizie = ? moirbel en Meetie nen boeliket = ?. Doir wast ie vrie preus = ? ip. Moir Tseetie paktegem zeenn boeliket af, en Meetie goft em een blafte = ? , klof = ? ip zeen bilde = ?. Ij ielter een serieuze gabbe = ? an over en schriemn = ? dat ij dee.
 
Geert zat alvast in de goede richting:

Eerst speelden ze met de bikkels en daarna met de knikkers. José had een knikker van glas en Aimé een grote knikker. Daar was hij zeer fier op. José nam hem zijn grote knikker af en Aimé verkocht hem een klap, recht op zijn hoofd. Hij hield er een serieuze jaap aan over, en huilen dat hij deed.

En nog zo een uit de oude doos :


Twa een oue joë dochtre en zoi ne vuschuut an mee karootsies en een tirette vanachtre, moir ze zochter no goe uit, want ze stoi mee een voddeke, zeien de mensen.

woensdag 29 mei 2013

Mooie zinnen (6)

Lieve Jennaveievve,
Ik heb een relatie met een oudere vrouw. T’Is een dame met enige ontwikkeling, en is een aangename verandering na de tienegers die ik ken (zoals Alektra bijvoorbeeld, en Chanel.) De seks is fantastisch en ik ben verliefd geloof ik. Maar er is één hele ernstige complicatie en dat is dit; t’is mijn oma!
(Lionel Aso, Martin Amis)

vrijdag 24 mei 2013

Bib-nieuws (5)

De cultuurdienst presenteert....

Hilde Rogge

Hilde Rogge huist in het hartje van de Vlaamse Ardennen. Daar verdwaalt ze graag in boterzachte landschappen en lichtglooiende heuvelwoorden. Ze vertelt verhalen voor grote en kleine mensen in tuinen, lichte en donkere stegen, in woonwagens, op festivals en bibliotheekzolders, in grote en kleine huiskamers...

Het publiek drinkt ademloos haar woorden, die ze zorgvuldig doseert, nu weer laat dansen en dan weer op sobere wijze voor zichzelf laat spreken. Ze brengt fabels en complete sprookjesboeken tot leven, terwijl ze alleen zichzelf meebrengt...

Toegang gratis

Wanneer? Woensdag 29 mei om 20 uur
Waar? Hoevegebouw domein de Ghellinck, Kortrijkstraat 74A, 9790 Wortegem-Petegem
Inschrijven? Via ruth.debels@wortegem-petegem.be,  via het nummer 055/30.99.84 of in de bib

Bijdrage door Ruth

woensdag 22 mei 2013

Poëtegem (17)

Herinnering (Rainer Maria Rilke)


En wachten doe je, uitzien naar het ene,
naar wat je leven eindeloos verlengt;
het grandioze en het ongemene,
het wakker worden van de stenen,
de diepten naar je toegewend.

Dan schemeren in boekenwanden
de goud en bruin gebonden banden
en jij denkt aan bezochte landen,
aan foto’s en aan kleren
van vrouwen die alweer niet keren.

En weet ineens: dit was het maar.
Dan veer je recht en een skelet
staat vóór je: van ’t gestorven jaar
de angst en de gestalte en 't gebed.

woensdag 15 mei 2013

Leestips (31)

De woestijn van de Tartaren van Dino Buzzati vertelt het verhaal van de jonge luitenant Drogo die naar zijn eerste standplaats, de vesting Bastiani, vertrekt, aan de grens van het rijk, vlak voor de woestijn van de Tartaren. Die Tartaren zijn de (ingebeelde?) vijand, en de bewakers dromen, zoals het militairen betaamt, van heldhaftige oorlogen en houden ondertussen een ijzeren discipline in stand met strikte wachtdiensten en wachtwoorden en alles wat daarbij hoort. De vijand komt echter nooit opdagen, zodat er alleen maar wordt gewacht.

Aanvankelijk wilde Drogo niet lang blijven in de vesting, maar gaandeweg valt hij ten prooi aan gewoonte – “Reeds heerste in hem de lamlendigheid van de gewoonte, de huiselijke voorkeur voor de dagelijkse begrenzing. In het eentonige ritme van de dienst waren vier maanden genoeg geweest om hem te doen vastroesten.” – en uiteindelijk gaat zijn leven verder terwijl ooit gekoesterde verwachtingen langzaam wegkwijnen.

Luitenant Drogo belichaamt de overgang van hoop via langzame ontgoocheling naar ultieme teleurstelling. De doelloosheid en vergeefsheid van het leven worden in dit boek treffend weergegeven, evenals de idiotie van de militaire orde en logica.

Een menselijk, maar nogal somber gegeven voor een roman. Buzzati verwoordt het echter zo goed dat lezen een onweerstaanbare ervaring wordt. Zonder meer wereldklasse.

dinsdag 14 mei 2013

Mooie woorden (22)

Me zijn der abij, moir no nie hieltegans, en zeemer no nie hieltegans, dan to birlijtsekies.

Het prachtige woord ‘birlijtsekies’ betekent zoveel als straks, seffens, weldra, dadelijk en subiet, en zou in een lijst met kandidaten voor mooiste Zuidwestoostvlaamse woord zeker niet misstaan. Zoals Luc en Fabienne elk voor de helft al vermoedden, luidt de hele zin als volgt:

We zijn er bijna, maar nog niet helemaal, en zijn we’r nog niet helemaal, dan toch straks.

En ook dit is een mooie:

Iest speeldegen ze mee te biekels = ? en tons mee te moirbels = ?. Tseetie oi ne gloizie = ? moirbel en Meetie nen boeliket = ?. Doir wast ie vrie preus = ? ip. Moir Tseetie paktegem zeenn boeliket af, en Meetie goft em een blafte = ? , klof = ? ip zeen bilde = ?. Ij ielter een serieuze gabbe = ? an over en schriemn = ? dat ij dee.

woensdag 8 mei 2013

Quotes (17)

Stell dir vor, es ist Krieg und keiner geht hin.
(op de Berlijnse muur)

donderdag 2 mei 2013

Mooie woorden (21)

Zeen uugn zeen were gruuter dan zeenn buik.

Letterlijk vertaald: ‘Zijn ogen zijn weer groter dan zijn buik’ betekent zoveel als ‘Hij heeft meer op zijn bord geschept dan hij op kan.’

Het volgende gezegde dat niet echt een gezegde is, maar in Zuidwestoostvlaamse oren toch bekend moet klinken, luidt als volgt:

Me zijn der abij, moir no nie hieltegans, en zeemer no nie hieltegans, dan to birlijtsekies.